Share/Save/BookmarkStuur naar een vriendAfdrukken

Verschenen

Steeds meer Vlaams geld voor werkonderbreking (De Standaard, 27 maart 2012)

27/03/2012 07:30 - Verschenen

Vlaanderen gaf vorig jaar 75procent meer uit aan premies om het werk te onderbreken dan tien jaar geleden. De Vlaamse overheid besteedde in 2011 zo'n 54,4 miljoen euro aan premies voor allerlei vormen van werkonderbreking. Het gaat om aanmoedigingspremies, bovenop de federale uitkering die de werkonderbreker al van de RVA krijgt. De uitgaven zijn de laatste jaren sterk gestegen. In 2002 ging het nog om 31,1 miljoen euro.

De cijfers komen van Vlaams minister van Werk Philippe Muyters (N-VA), in antwoord op een parlementaire vraag van Ivan Sabbe (LDD).

Dat de hoeveelheid RVA-uitkeringen aan niet-werklozen sterk is gestegen, was al bekend. Maar nu blijkt dus dat ook Vlaanderen hier veel geld aan besteedt. De Vlaamse premies variëren naargelang de sector: er zijn afzonderlijke regelingen voor de privébedrijven, voor de social profit en voor de overheid. Die voor de social profit zijn het meest uitgebreid en ook het duurst. Werknemers hebben de keuze uit vier vormen van werkonderbreking: zorgkrediet, landingsbaan, loopbaankrediet en opleidingskrediet.

Budget

Het budget voor deze regelingen in de social profit is geëxplodeerd van 5,2 miljoen euro in 2002 naar 27,0 miljoen euro in 2011. Die sterke toename heeft vooral te maken met het bestaan van landingsbanen -een vorm van deeltijds werken voor oudere werknemers. Een landingsbaan belast de Vlaamse begroting jarenlang, in tegenstelling tot de andere vorm van werkonderbreking die van kortere duur zijn.

'De toename van de middelen die worden vrijgemaakt om niet-werken aan te moedigen, druist in tegen het activerend arbeidsmarktbeleid dat de Vlaamse regering naar eigen zeggen voert', stelt Sabbe vast. 'De federale uitgaven voor allerlei vormen van loopbaanonderbreking zijn in tien jaar tijd verdrievoudigd. Dat Vlaanderen daar nog een schepje bovenop doet met een eigen aanmoedigingspremie, zorgt ervoor dat het systeem helemaal doorslaat.'

Sabbe erkent dat de systemen aanvankelijk bedoeld waren om werk 'meer werkbaar' te maken. Door een deel van de loopbaan niet aan werk, maar aan zorg, opleiding of kinderen te besteden, zou de combinatie werk en privéleven vergemakkelijkt worden. De landingsbaan zou dan weer voorkomen dat werknemers te vroeg met (brug)pensioen gaan. Maar, stelt Sabbe vast, 'het effect op de werkgelegenheid is onbestaande. De werkzaamheidsgraad van vrouwen en vijftigplussers ligt lager dan in landen waar de verlofrechten minder uitgebreid zijn'.

Onderzoek

Ook Muyters vraagt zich af of de Vlaamse premies wel nuttig zijn. In zijn beleidsbrief kondigde hij aan dit te laten onderzoeken. Maar het onderzoek is nog niet gestart, schrijft hij in zijn antwoord aan Sabbe.

Bovendien erkent Muyters dat de premies 'perverse effecten' kunnen hebben. Hij sluit niet uit dat werkonderbrekers door de cumulatie van premies meer verdienen dan wanneer ze gewoon aan het werk waren gebleven. 'Het bestaan en de omvang van deze perverse effecten moet verder onderzocht worden', schrijft Muyters. Voor Sabbe is het allang duidelijk: 'In deze tijden van budgettaire krapte en economische recessie is het ongeoorloofd dat we mensen extra aanmoedigen om niet te werken'.

© 2012 Corelio