De vraag van energieverdeler Eandis om haar prijzen met 20 procent te verhogen is voor LDD een voorbeeld van hoe de staatsbemoeienis compleet averechts kan werken. De mensen die meedoen of mee hebben gedaan in de groene hype van zonnepanelen gaan maximaal profeteren van toelagen, maar uiteindelijk wordt die subsidie verhaald op alle verbruikers.
Biomassa laten vallen
Jean-Marie Dedecker, voorzitter LDD: "Elektriciteit opgewekt door zonnepanelen kost negen tot tien keer meer dan met een klassieke centrale. De overheid vraagt dus te investeren in zeer dure energietechnologie, hetzelfde geldt trouwens voor windmolens.
"Bovendien komt de helft van de groene stroom certificaten in dit land uit biomassa, dat is afval van de landbouw, industrie en huishoudens. Daarom heeft men in Duitsland deze sector uitgesloten, en dat voorbeeld moeten we volgen. Het is eigenlijk een toppunt dat de hele gemeenschap voor deze hype zou opdraaien."
"Het bewijst alleen opnieuw dat de overheid blind in de groene hype stapt, en het kostenplaatje helemaal niet onder controle heeft. En nu staat ze daar weer met open mond naar de gevolgen te gapen."
Duits voorbeeld
Het Duitse economische onderzoeksinstituut, het RWI Essen, heeft berekend dat het installeren van zonnepanelen en windmolens bij onze Oosterburen tussen 2000 en 2010 respectievelijk 53,3 miljard euro en 20,5 miljard euro heeft gekost. Voor elektriciteitsverbruikers kwam dat in 2008 neer op een meerprijs van 1,5 euro per kilowatuur. De elektriciteitsprijzen zijn daar op vijf jaar tijd met veertig procent toegenomen.
Kernenergie
Jean-Marie Dedecker: "De groene economie bestaat enkel bij gratie van subsidies. Zo moet de belastingbetaler twee keer betalen voor zijn energie. Daarom ook moet er in dit land dringend worden geïnvesteerd in kernenergie, die bovendien nog schoner is dan windmolens of panelen."
"Als we onze energie betaalbaar willen houden, zal dat alleen met een nieuwe atoomcentrale zijn. We moeten er dan alleen voor zorgen dat die niet opnieuw wordt uitbesteed aan de Franse monopolies die België als hun privéjachtterrein blijven beschouwen."
