Share/Save/BookmarkStuur naar een vriendAfdrukken

Interviews

"Er staan zo weinig mensen recht die zeggen: het is genoeg geweest."

10/01/2009 19:05 - Interview

Een tafelspringer vindt hij zichzelf niet, maar als acteur Karel Deruwe verontwaardigd genoeg is, dan betrapt hij zichzelf wel eens bovenop een tafel. En verontwaardigd is hij.

Ruim een half jaar voor de regionale verkiezingen van juni 2009 begint Karel Deruwe zich zachtjes op te maken voor een nieuwe, grote rol: die van kandidaat voor het Vlaams Parlement voor Lijst Dedecker, de partij van Jean-Marie Dedecker.

Deruwe (52) praat uitvoerig en gedreven over zijn politieke wensen en over de grieven van zijn sector, het theater. Tijdens het interview zal hij alleen even stilvallen, wanneer het gaat over zijn zoontje, Poppe Louis, die geboren werd met een hartafwijking en al enkele keren moest geopereerd worden.

"Het is best confronterend. Hij kan soms dingen zeggen die hard en zakelijk en ontnuchterend zijn, over zijn toestand. Hij is veel wijzer dan een ander kind van zes. Er zijn dingen die hij niet kan, die een gezonder kind wel kan, en dat moet hij verwerken. We geven hem die ruimte, maar we gaan daar ook niet te ver in mee. Je moet een evenwicht vinden, ook voor jezelf. Het is een deel van ons leven, maar we willen ons niet verliezen in medelijden. We hebben geleerd om van elke dag te genieten."

Deruwe (52) toonde zich altijd al geëngageerd, hij zette mee de schouders onder enkele van de grote Vlaamse benefietacties van de voorbije jaren.

De politiek is een voortzetting van dat engagement, zegt hij.

Daarmee zegt hij theater en televisie geen vaarwel, maar voor deze duivel-doet-al, die bij het grote publiek vooral bekend is gebleven als Guido Vandenbossche in de VTM-soap Familie, is zijn rol bij LDD voorlopig de belangrijkste.

"Ik moet elke stem verdienen. Het zou dwaas zijn om ervan uit te gaan dat dit niet moet, omdat ik een bekende kop heb."

Waarom heeft u de stap naar de politiek gedaan? Dacht u: het is tijd voor ernstige zaken?

(lacht luid) "Alsof acteren geen ernstig beroep is. Kijk, iedereen klaagt steen en been in onze sector, maar er zijn weinig artiesten die opstaan om dat ook openlijk te doen. Ik voel al maanden en jaren dezelfde frustratie in mijn omgeving. Voor mij is de leute eraf. Je ziet hoe de cultuurmarkt verschraalt en hoe iedereen vecht om zijn brok. Hoe men begint te lobbyen, hoe degenen die handig zijn met subsidieaanvragen en met de businessplannen die tegenwoordig nodig zijn om tegemoet te komen aan alle regeltjes, met het geld gaan lopen. Hoe het artiestenstatuut niets meer is dan een werkloosheidsregeling, een holle verroeste koker. Dat is ons onteren. Ik wilde daarover mijn stem laten klinken."

Stapt u dan alleen in de politiek voor de belangen van uw eigen sector?

"Als dat al geen belang meer mag zijn. Dat moét een belang zijn. Wat we daarvan zullen realiseren, zal afhangen van de vraag of de LDD in de regering zal zitten of niet. Maar peu importe, eigenlijk. Of we nu in de regering of in de oppositie belanden, ik wil dit heel luid verkondigen."

Zit hier de nieuwe minister van Cultuur?

"(blaast) Ik ben nu in de eerste plaats de inhoudelijke lijnen aan het uitschrijven voor hoe wij het cultuurbeleid zien."

In het programma van LDD staat geen woord over die thema's waarvoor u zich de laatste jaren als BV vaak inzette: ontwikkelingssamenwerking, armoedebestrijding, solidariteit. Zit u wel bij de juiste partij?

"Het is niet omdat het niet in het programma staat, dat de aandacht er niet is. Ik vind dat jammer, ja, maar de partij is twee jaar oud, mag dat een excuus zijn? Het is ook niet omdat er aandacht is voor de sterkere, dat we de zwakkere uitsluiten. We keren armen niet de rug toe."

Maar solidariteit is belangrijk voor u?

"Absoluut. Voor de actie voor Kosovo in 1999 (toen Servië met een oorlog in Kosovo de etnische Albanezen op de vlucht joeg, red.) was ik zelfs de initiatiefnemer. Hoe kan je nu onbewogen voor tv zitten, dacht ik toen. Je kan dan toch niet anders dan jezelf ook af te vragen wat je kunt doen om te helpen. Ik heb altijd gevonden dat ik de overschot van de tijd die ik had naast het acteren, moest benutten voor goede doelen. Nu vertaalt dat maatschappelijke engagement zich politiek."

Bent u al aan het timmeren aan uw campagne?

"Nee. En ik maak me daar nog geen zorgen over (lacht). Ik ben op dit moment volop met het inhoudelijke bezig, het is te vroeg voor de verpakking. Maar als de tijd er is, zal ik met stevige leuzen de straat opgaan, als dat moet."

Bent u eigenlijk een tafelspringer?

"Als ik me zwaar aangesproken voel, dan betrap ik mezelf wel eens bovenop een tafel (glimlacht)."

Maakt het theater maken over menselijke zwakten van u een mededogend man?

"Dat denk ik wel."

Maar de politiek is zo meedogenloos.

"Iedereen zegt me dat. Ik wil het een eerlijke kans geven."

Er waren berichten dat u zich geboycot voelt door het Zuiderpershuis, dat uw theaterstuk Djamilla en Renato annuleerde. U wees zelf uw engagement voor LDD als reden aan.

"Het is geen gevoel, het is helaas realiteit. Voor elk engagement moet je een prijs betalen, dat is nu eenmaal onvermijdelijk. Dat hoeft daarom niet pijnlijk te zijn. Het maakt me alleen meer vastberaden."

Eigenlijk waren musicals zijn eerste grote liefde, en in voorstellingen als Peter Pan, waarin hij schitterde als Kapitein Haak, of Kuifje kon hij zijn hart ophalen.

"Die liefde is er al van toen mijn ouders me in de jaren zeventig, toen ik een tiener was, mee naar Londen namen om er musicals te bekijken. A Chorus Line, Kings and Clowns, The Rocky Horror Picture Show. Daar is de vonk overgeslagen."

En u zag uzelf ook graag zoals Dokter Frank-N-Furter in netkousen over het podium dansen?

"Waarom niet? (glimlacht) Graag is veel zeggen, maar als de musical dat vraagt, dan doe je dat toch gewoon? Daarom zijn we toch acteur? Er was veel liefde voor muziek thuis. Mijn vader heeft zijn hele leven in het operamilieu gewerkt. Ik was vijf, toen ik mijn eerste opera zag. Maar vooral die musicals maakten op mij indruk. Ik vond het zo bevrijdend, het leek een andere manier van je uiten op de planken, weg van vaste theaterstramienen. Toen ik er eind jaren zeventig ook zelf professioneel mee begon, werd er nog een beetje op neergekken, als was musical een mindere god onder de theatergoden. Dat is nu wel anders (glimlacht)."

Dat lijkt wel een rode draad bij u, spelen in genres waar soms op neergekeken wordt.

"Musical toen, soap later, ja. Ik heb niet bewust gekozen voor genres die niet in de markt lagen. Het sprak me gewoon aan. Hier en daar is het nog altijd bon ton om neer te kijken op genres die veel volk lokken. Voor mij dient theater niet om alleen begrepen te worden door een kleine groep ingewijden, het is er voor iedereen. Die confrontatie met een breed publiek, dat zijn vitamines, dat is inspiratie. Soms geeft jou dat inzichten waarvan je opschrikt. Dat is de magie van theater."

En toch heeft u lang en veel televisie gedaan, niet alleen met Familie, maar ook met Thuis, Diamant, DeMan, Heterdaad.

"Maar ik ben dat al die jaren nauwlettend blijven afwisselen met minstens één theaterstuk per jaar. Dat had ik nodig ter compensatie, dat rechtstreekse contact met het publiek."

Wat haalde u dan uit uw tv-werk?

"De uitdaging. Ik ben altijd blijven volhouden dat voor hetzelfde geld toch meer kwaliteit kon geboden worden. Tijdens die negen jaar Familie ben ik dat blijven bewaken. Kwaliteit maken kost niet noodzakelijk meer geld, wel meer inspanning. Maar we moesten meer en meer produceren op een kortere tijd. Tot je jezelf inhaalt. Dan is het tijd om een signaal te geven of ermee op te houden. Voor mij was de grens bereikt om wat ik moest doen nog goed te kunnen doen."

En toch stapte u opnieuw in een soap, Thuis.

"Dat was een afgebakend project van twee jaar. Ik heb daar een zeer leuke tijd gehad. Er zaten ook vijf jaar tussen Familie en Thuis, ik heb ondertussen een hele rist andere dingen gedaan."

Stoort u dat, dat u vooral vereenzelvigd wordt met uw werk in Familie en Thuis en men de rest niet lijkt te zien?

"Nee. Je weet dat je met het theater een veel kleiner bereik hebt dan met televisie. Ik krijg ook wel vaak de vraag of het wel te rijmen is, een zogenaamd oppervlakkig genre als een soap en een doorwrocht toneelstuk. In het kringetje van artiesten blijft dat wel spelen. Daar is het nog altijd bon ton om daar wat zurig over te doen. Sommigen vinden het ook vreemd dat ik nooit deel heb willen uitmaken van een groot gezelschap."

Bewust?

"Die vraag zou ik me misschien eens moeten stellen (lacht). Het is zo gelopen. Ik denk niet dat ik het gemeden heb. Ik heb gewoon de projecten gekozen die me interesseerden. Maar ik merk wel dat ik een beetje gestigmatiseerd word, omdat ik dat nooit heb opgezocht."

Was u ooit bezig met uw imago? Sommige celebrities gebruiken dat om zich achter te verbergen.

"Da's veel te vermoeiend, jong. In een soap speel je al van 's ochtends tot 's avonds. Als je dan nadien nog die lijn moet blijven doortrekken, dat is waanzin. Buiten de set ben je blij dat je weer naar je eigen zelf kan gaan."

U heeft de reputatie moeilijk en tegendraads te zijn.

"Als je aandacht vangt, vang je veel wind. En als je dan ook nog eens een uitgesproken mening hebt, dan word je wel eens gecontesteerd, ja. Ik zal nooit oppositie spelen om de oppositie te spelen, maar ik zal altijd uitkomen voor mijn mening. Ik ben lange tijd ook iemand geweest die moeilijk compromissen sloot, en daardoor kreeg ik veel tegenwind en tegenkanting. Ik heb ondertussen geleerd dat het anders beter gaat, tenminste als je iets wil doen vooruitgaan."

Dan is het geen toeval dat u zich heeft laten verleiden door de partij van de man die recht door zee zegt te zijn?

"Ik hou van de directheid van Jean-Marie Dedecker, ja. En het gevoel dat hij geeft van een coach te zijn. Hij heeft veel empathie als hij met je spreekt. Hij zal niet mijden om een duidelijk standpunt in te nemen, maar hij zal dat niet doen voor het jouwe de grond in te boren. Dat spreekt me aan, dat en zijn gevoel voor humor."

Kan die franc parler niet een even groot rookgordijn zijn als wollig mist spuien?

"Ja. Maar ik geloof dat het bij hem echt is. Ik ben vooral bij de LDD gegaan omdat hij belooft dat hij alle goede ideeën, uit welke richting dan ook, wil omarmen. Omdat alle zaken die hij tot nu toe aangehaald heeft, eigenlijk een uiting zijn van gezond verstand. En daar is zo dringend nood aan. Kijk wat er de afgelopen achttien maanden is geweest aan gekibbel. En wij, brave Belgen, zeggen dan: ach ja, dat is politiek. Er staan zo weinig mensen recht die zeggen: het is genoeg geweest. Die zich openlijk boos maken over hoe er maar gepraat wordt over goed bestuur, terwijl in de feiten onbeslistheid en verdeeldheid te zien is. Wel, ik ben boos."

(c)Isa Van Dorsselaer